Ad Hoc Vraag over taaldiversiteit van studenten en jongeren met een migratieachtergrond
Deze ad hoc vraag onderzoekt de maatregelen die EMN-Lidstaten en Waarnemende Landen nemen om de kennis van de moedertaal van leerlingen met een migratieachtergrond te behouden. De vraag behandelt dergelijke maatregelen in kleuterscholen, lagere scholen en middelbare scholen, evenals de economische middelen en fondsen om deze maatregelen te financieren.
Achtergrond:
De Raad van Europa benadrukt dat de integratie van migranten verder gaat dan alleen het leren van de meerderheidstaal van het gastland. Er moeten doeltreffende mechanismen worden geïmplementeerd om migranten te helpen al hun taalvaardigheden te herconfigureren. De Europese onderwijssystemen bieden al ruimte voor taaldiversiteit en weerspiegelen de aanwezigheid van verschillende talen, waaronder die van derde landen. Meertaligheid, zoals benadrukt door de Raad van Europa, is cruciaal voor het bevorderen van taaltolerantie en intercultureel onderwijs, en dient als een instrument voor integratie.
In deze context heeft EMN Italië een ad hoc query gelanceerd die tot doel heeft het beleid van lidstaten te onderzoeken met betrekking tot het bevorderen van taalvaardigheden onder jonge onderdanen van derde landen of studenten met een migratieachtergrond.
Respondenten:
23 EMN-Leden en Observerende Landen beantwoordden deze ad hoc vraag (inclusief BE)
Bevindingen:
Uit een voorlopige analyse van de resultaten van de ad-hocenquête blijkt dat:
- 14 EMN-Leden en Waarnemende landen (AT, BE (Franse Gemeenschap), BG, DE, EE, ES, FI, FR, LU, PL, RS, SE, SI, SK) antwoordden positief op de vraag of ze maatregelen hebben geïmplementeerd om de moedertaal van studenten met een migratieachtergrond te behouden. HR gaf aan dat het dergelijke maatregelen alleen heeft voor studenten die tot de Oekraïense nationale minderheid behoren.
- Al deze landen gaven aan dergelijke maatregelen te hebben in het basis- en secundair onderwijs, maar zes van hen (BE (Franse Gemeenschap), DE, EE, PL, RS, SE) hebben deze nog niet in het kleuteronderwijs. In EE bijvoorbeeld kan het leren van de moedertaal als keuzevak worden gekozen in het basis- en secundair onderwijs. BE en FR vermeldden dat ze in samenwerking met partnerlanden programma's aanbieden om de talenkennis van hun leerlingen te verruimen.
- Slechts 9 van deze landen (AT, BE (Franse Gemeenschap), EE, FI, DE, LU, RS, SI, ES) gaven aan over specifieke economische middelen of financiering te beschikken om deze maatregelen te financieren. In SI bijvoorbeeld heeft het ministerie € 45 per leerling toegekend in 2023, waarvan € 15 wordt ingehouden door de school en € 30 beschikbaar is voor de leerkracht. De onkosten en/of het salaris van de leerkracht worden betaald door het land van herkomst; verenigingen, ouders of de leerkracht kunnen vrijwilliger zijn.
Lees voor meer informatie de compilatie van reacties in de bijlage hierboven.
Lees gerust ook de editie van 2023 over "Key data on teaching languages at school in Europe", gepubliceerd door de Europese Commissie.