Arbeidsmigratie in tijden van arbeidstekorten
Deze gezamenlijke studie van het EMN en de OESO biedt een uitgebreid overzicht van de wetgeving, het beleid, de initiatieven en de praktijken op het gebied van arbeidsmigratie van onderdanen van derde landen tussen januari 2021 en juni 2024. Er wordt onderzocht hoe arbeidsmigratie wordt ingezet om het huidige en toekomstige tekort aan arbeidskrachten aan te pakken, waarbij de belangrijkste landen van herkomst en cruciale arbeidssectoren aan bod komen. De studie belicht de uitdagingen waarmee landen worden geconfronteerd en de praktijken die zij overwegen met betrekking tot arbeidsmigratie.
Het tekort aan arbeidskrachten treft alle opleidingsniveaus en meerdere sectoren in de EMN leden (alle EU lidstaten, Denemarken uitgezonderd) en waarnemende landen van het EMN, alsook in de OESO-landen, waaronder de gezondheidszorg, de bouw en de ICT. Landen worden geconfronteerd met de noodzaak om werknemers uit het buitenland aan te trekken, te behouden en te integreren, en beleidsmakers hebben behoefte aan betrouwbare informatie over hoe arbeidsmigratie wordt toegepast, welke uitdagingen dit met zich meebrengt en welke benaderingen als effectief worden beschouwd. In deze context biedt de studie inzicht in de benaderingen, ontwikkelingen en ervaringen van EMN-leden en Servië met betrekking tot arbeidsmigratie.
Hieronder enkele bevindingen van de studie:
- Arbeidsmigratie wordt steeds meer erkend als een belangrijke strategie om het aanhoudende tekort aan arbeidskrachten in de lidstaten en waarnemende landen van het EMN, als gevolg van uitdagingen op het gebied van werving, demografische veranderingen, economische transities en de aanhoudende gevolgen van de COVID-19-pandemie aan te pakken.
- Arbeidstekorten worden vaak gedefinieerd als een onevenwicht tussen vacatures en beschikbare werknemers – beoordeeld aan de hand van kwantitatieve maatstaven en kwalitatieve evaluaties van mismatches tussen vaardigheden.
- Sinds 2021 hebben veel landen uitgebreide wettelijke en beleidshervormingen doorgevoerd, waarbij vraaggestuurde en gemengde benaderingen worden gecombineerd met maatregelen zoals digitalisering en versnelde procedures.
- Het aantrekken van buitenlands talent is vaak afhankelijk van initiatieven van werkgevers en particuliere wervingsbureaus, waaronder bilaterale overeenkomsten, maatregelen voor kwaliteitsborging en diverse wervingscampagnes.
- De EMN-leden vertrouwen voor een deel op EU-initiatieven die sinds 2021 zijn ontwikkeld, zoals talentpartnerschappen en projecten in het kader van de migratiepartnerschapsfaciliteit, om arbeidsmigratie te ondersteunen.
- Landen melden uitdagingen zoals het werven van overgekwalificeerde werknemers, taal- en culturele integratiebarrières, risico's op uitbuiting, slechte arbeids- en levensomstandigheden en extra druk op huisvesting en openbare diensten.
Meer informatie vindt u in bovenstaande studie. De EMN Inform geeft een beknopt overzicht van de bevindingen. Zie voor een korte samenvatting van twee pagina's de EMN Flash.