Illegale tewerkstelling van onderdanen van derde landen: situatieanalyse 2017-2022
Deze studie van het Europees Migratienetwerk (EMN) gaat over de illegale tewerkstelling van onderdanen van derde landen in EMN-leden tussen 2017-2022. Het bevat een actuele analyse van de belangrijkste wetgeving, beleidskaders en praktijken om illegale tewerkstelling van onderdanen van derde landen, met inbegrip van begunstigden van tijdelijke bescherming, te voorkomen, te detecteren en aan te pakken. De studie geeft ook voorbeelden van uitdagingen en goede praktijken.
De EMN-studie biedt een overzicht van de inspanningen van EMN-leden tussen 2017 en 2022 om de illegale tewerkstelling van onderdanen van derde landen tegen te gaan en tegelijkertijd degenen te beschermen die risico lopen op uitbuiting. De studie toont onder meer aan dat:
- Illegale tewerkstelling van onderdanen van derde landen een hoge politieke prioriteit blijft voor de leden van het Europees Migratienetwerk (EMN). Het blijft nationale debatten aanwakkeren, vooral over de maatschappelijke impact en de noodzaak van bescherming en regularisatie van werknemers.
- De meeste landen hebben sinds 2017 belangrijke wetgevende hervormingen doorgevoerd, met name gericht op sancties voor werkgevers. In 2021 verhoogde Cyprus bijvoorbeeld de straffen voor werkgevers die arbeidsregels overtreden, met een maximumstraf van vijf jaar gevangenisstraf en/of een boete van maximaal 20.000 euro. In 2018 verhoogde Estland de boetes voor rechtspersonen die zich bezighouden met illegale arbeidspraktijken met een factor tien.
- Preventieve maatregelen zijn echter sinds 2017 grotendeels hetzelfde gebleven, met de nadruk op bewustwording, verplichte meldingen aan autoriteiten bij het in dienst nemen van onderdanen van derde landen, en het samenstellen van lijsten met onbetrouwbare werknemers of werkgevers op de zwarte lijst. Belangrijke uitdagingen bij preventieve maatregelen zijn onder meer problemen met monitoring en inspecties, taalbarrières bij het communiceren van rechten en plichten, en administratieve obstakels, waaronder problemen met gegevensbescherming.
- Tussen 2017 en 2022 voerden alle EMN-leden actief inspecties ter plaatse uit om de illegale tewerkstelling van onderdanen van derde landen aan te pakken. Zes EMN-leden (waaronder België) hebben hun jaarlijkse algemene arbeidsinspecties verhoogd, terwijl andere melden dat ze meer overtredingen hebben vastgesteld en hun inspectiepersoneel hebben uitgebreid.
- Kleine tot middelgrote ondernemingen (KMO’s) zijn de meest voorkomende werkgevers van illegaal tewerkgestelde onderdanen van derde landen, met name in sectoren als bouw, accommodatie, horeca, productie, landbouw, bosbouw en visserij. Sectoren die steeds kwetsbaarder worden voor illegale tewerkstellingspraktijken zijn onder meer schoonheids- en wellnessdiensten, bezorgdiensten, beveiligingsdiensten, evenementenbeheer en sloopwerkzaamheden.
- EMN-leden hebben de samenwerking tussen nationale actoren en ook met andere landen en sectoren verbeterd. Op nationaal niveau werken arbeidsinspecties vaak samen met immigratie- en asieldiensten, financiële en belastingautoriteiten, wetshandhaving en grenscontrole, socialezekerheids- en verzekeringsagentschappen en autoriteiten voor veiligheid en gezondheid op het werk. Grensoverschrijdende samenwerking is ook toegenomen, met behulp van nieuwe initiatieven zoals het Europees platform van de Europese Arbeidsautoriteit (ELA) dat zwartwerk aanpakt.
- De uitkomsten voor onderdanen van derde landen die illegaal werken, variëren afhankelijk van hun verblijfsstatus en of ze een werkvergunning hebben of ooit hebben gehad. De uitkomsten variëren van intrekking en afwijzing van verlenging van verblijfsvergunningen, terugkeerbesluiten en boetes. Als het individu echter slachtoffer blijkt te zijn van uitbuiting of mensenhandel, activeren de meeste EMN-leden specifieke procedures met verschillende uitkomsten, zoals tijdelijke verblijfsvergunningen.
Lees voor meer informatie de hierboven bijgevoegde studie. Voor een beknopte samenvatting kunt u de Inform of de Flash met de belangrijkste conclusies raadplegen. Indien u meer wilt weten over de stand van zaken en de huidige praktijken in België, gelieve de Belgische bijdrage aan de studie te raadplegen.