Ad Hoc Vraag over registratie van verzoeken om internationale bescherming
Deze ad hoc vraag heeft als doel informatie te verzamelen over hoe EU-lidstaten de procedures uitvoeren voor het indienen, registreren en formeel indienen (“lodging”) van verzoeken om internationale bescherming op basis van de Procedurerichtlijn Asiel (2013/32/EU). De query gaat in op de organisatie van het proces in wetgeving en praktijk, de toegankelijkheid van registratiecentra en de beoordeling van kwetsbaarheden van verzoekers. Daarnaast behandelt de query het gebruik van verlengde registratietermijnen, problemen bij het halen van registratie-deadlines en maatregelen die worden genomen wanneer verzoekers niet tijdig geregistreerd kunnen worden.
Achtergrond:
De Procedurerichtlijn Asiel (2013/32/EU) stelt gemeenschappelijke procedures vast voor het toekennen en intrekken van internationale bescherming. Volgens artikel 6 moeten lidstaten verzoeken binnen drie werkdagen registreren, of binnen tien werkdagen in geval van grootschalige aankomsten, en moeten zij ervoor zorgen dat verzoekers hun aanvraag snel formeel kunnen indienen. Artikel 28 staat lidstaten toe een verzoek als impliciet ingetrokken te beschouwen wanneer het niet wordt ingediend. Het Hof van Justitie van de EU verduidelijkte in zaak C-36/20 dat een persoon vanaf het moment dat hij een verzoek indient, als verzoeker wordt beschouwd en daarmee de rechten en verplichtingen uit de richtlijn verwerft.
België heeft deze ad hoc vraag gestart om informatie te verzamelen over hoe andere lidstaten deze regels in de praktijk toepassen.
Respondenten:
24 EMN-leden (waaronder BE) gaven een openbaar antwoord op deze query.
Bevindingen:
Een voorlopige analyse van de resultaten van de ad hoc vraag toont dat:
- De meeste reagerende landen streven ernaar de processen van het indienen, registreren en formeel indienen van verzoeken om internationale bescherming zo dicht mogelijk op elkaar te laten plaatsvinden, vaak op dezelfde dag.
- De toegankelijkheid van registratiepunten verschilt per land. In BE werkt één centraal registratiecentrum in Brussel (Rue Belliard/Belliardstraat 68) met gescheiden wachtrijen om voorrang te geven aan gezinnen, minderjarigen, vrouwen en andere kwetsbare personen.
- Bijna alle reagerende landen gaven aan dat er tijdens het registratieproces een beoordeling van kwetsbaarheden plaatsvindt. In BE wordt dit gedaan door medewerkers in het registratiecentrum via visuele beoordeling terwijl verzoekers wachten en door tijdens de registratie te vragen naar medische of andere noden.
- De meeste landen hebben de bepaling van artikel 6(5) van de Procedurerichtlijn Asiel, die een verlenging van de registratietermijn van drie naar tien werkdagen mogelijk maakt, niet geactiveerd. BE past deze verlenging sinds 2021 toe vanwege capaciteitsproblemen gerelateerd aan stijgende aantallen verzoeken.
- Landen die problemen ondervonden bij de registratie meldden dat zij mitigerende maatregelen namen. Deze omvatten onder meer het prioriteren van kwetsbare groepen zoals gezinnen, minderjarigen en alleenstaande vrouwen (BE, EL, IT, LT, NL, SE), het uitbreiden van registratiecapaciteit of het openen van nieuwe centra (AT, BG, LT), het verhogen van het personeelsbestand (AT, BG, LT), en het inplannen van verzoekers voor latere registratiedata (BE).
Voor meer informatie wordt verwezen naar de samenvatting van de antwoorden hierboven, en voor gedetailleerde informatie naar de volledige verzameling van antwoorden die eveneens is bijgevoegd.