Ad Hoc Vraag over het verstrekken van informatie in het kader van terugkeer
De Belgische autoriteiten hebben deze ad hoc vraag gesteld om inzicht te krijgen in hoe andere lidstaten informatie verstrekken aan onderdanen van derde landen in het kader van terugkeer. Dit om te voldoen aan de verplichtingen uit de Terugkeerrichtlijn en om te beoordelen of het aanbieden van deze informatie via een website of digitale toepassing voldoende is.
Achtergrond:
Op basis van artikel 12 van de Terugkeerrichtlijn moeten lidstaten terugkeerbesluiten, en indien van toepassing inreisverboden en verwijderingsbesluiten, schriftelijk uitvaardigen. Hierbij moeten de feitelijke en juridische gronden worden toegelicht, evenals de beschikbare rechtsmiddelen. Nationale wetgeving en rechtspraak hebben deze verplichtingen verder uitgewerkt.
De Belgische autoriteiten merken op dat de steeds gedetailleerdere terugkeerbesluiten leiden tot langere en complexere documenten, wat de administratieve last vergroot. Met deze vraag wordt informatie verzameld over hoe andere lidstaten hun informatieverplichtingen invullen en of het verstrekken via een website of IT-toepassing voldoende wordt geacht.
Respondenten:
In totaal hebben 24 EMN-leden, waaronder BE, een openbaar antwoord gegeven op deze vraag.
Bevindingen:
Een voorlopige analyse van de resultaten van de ad hoc query toont aan dat:
- Digitale kennisgeving komt voor in verschillende EMN-leden, vooral wanneer de derdelander een e-mailadres heeft opgegeven of een account bezit in een officieel portaal, bijvoorbeeld in EL, IE, LT, NL, PL and SE.
- Bijna de helft van de responderende landen biedt terugkeerbegeleiding aan, wat afhankelijk van het nationale kader verplicht of vrijwillig kan zijn.
- Digitale hulpmiddelen worden steeds vaker gebruikt, maar meestal als aanvulling op persoonlijke toelichting, niet als vervanging.
- Bijna alle landen geven aan dat beslissingen of belangrijke delen daarvan worden verstrekt in een taal die de derdelander begrijpt of redelijkerwijs geacht wordt te begrijpen.
- Schriftelijke kennisgeving blijft de wettelijke basis vanwege juridische, procedurele en praktische redenen. In sommige landen is digitale kennisgeving wettelijk niet toegestaan.
Voor meer informatie kunt u de compilatie van antwoorden en de bijgevoegde samenvatting raadplegen.