Ad Hoc Vraag over detentiebepalingen in EU-lidstaten
In deze ad hoc vraag wordt onderzocht hoe verschillende EU-lidstaten artikel 15 van de Terugkeerrichtlijn (2008/115/EU), artikel 8 van de Richtlijn opvangvoorzieningen (2013/33/EU), en artikel 28 van de Dublinverordening (EU 604/2013), die allemaal betrekking hebben op de bewaring van onderdanen van derde landen, hebben geïmplementeerd.
Download publication
Achtergrond:
Een nationale rechter in Nederland heeft prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van Justitie van de Europese Unie over de manier waarop Nederland bepaalde artikelen met betrekking tot de bewaring van onderdanen van derde landen heeft geïmplementeerd. Deze artikelen omvatten artikel 15 van de Terugkeerrichtlijn (2008/115/EU), artikel 8 van de Richtlijn opvangvoorzieningen (2013/33/EU) en artikel 28 van de Dublinverordening (EU 604/2013).
Naar aanleiding hiervan heeft EMN Nederland deze ad hoc vraag gesteld om inzicht te krijgen in de wijze waarop deze bepalingen in andere EU-lidstaten worden toegepast.
Respondenten:
23 EMN landen (waaronder BE) beantwoordden deze ad hoc vraag (en gaven aan dat hun antwoord publiek mag worden verspreid).
Bevindingen:
Uit een voorlopige analyse van de antwoorden komen o.a. de volgende bevindingen naar voor:
- In bijna alle landen die hebben gereageerd, worden de drie gronden voor bewaring - gebaseerd op artikel 8 van de richtlijn opvangvoorzieningen, artikel 15 van de richtlijn terugkeer en artikel 28 van de Dublinverordening - als afzonderlijke gronden in de nationale wetgeving geïmplementeerd.
- De meeste landen vereisen een nieuw besluit tot bewaring als de rechtsgrond voor de bewaring verandert. Als de bewaring bijvoorbeeld eerst plaatsvindt op grond van de asielprocedure en later verschuift naar een terugkeerprocedure, moet er een nieuw bewaringsbesluit worden genomen, vergezeld van een passende motivering.
- In de meeste antwoordende landen kan detentie op basis van de ene rechtsgrond (bv. asielprocedure) niet worden voortgezet op basis van een andere rechtsgrond (bv. terugkeerprocedure) zonder een nieuw detentiebesluit uit te vaardigen dat de relevante rechtvaardiging bevat.
Raadpleeg de compilatie van antwoorden op de ad hoc vraag voor meer details.