Ad Hoc Vraag over de vaststelling van de nationaliteit van derdelanders

Deze ad hoc vraag brengt de bestaande wetgeving en praktijken in EMN-leden en waarnemende landen in kaart met betrekking tot de vaststelling van de nationaliteit van derdelanders, waaronder de vereiste documentatie. Daarnaast worden vragen gesteld over de registratie van de nationaliteit van kinderen die op hun grondgebied worden geboren uit ouders die derdelanders zijn.

Achtergrond:

Het Estse Ministerie van Binnenlandse Zaken is momenteel bezig met een herziening van de documentatieverplichtingen voor buitenlandse burgers die in Estland verblijven en worden geboren. In dit kader heeft het Estse EMN Nationaal Contactpunt deze ad hoc vraag gelanceerd om meer inzicht te krijgen in de wetgeving en praktijken in andere EMN-leden en waarnemende landen, teneinde te begrijpen hoe zij omgaan met de vaststelling van de nationaliteit van vreemdelingen die op hun grondgebied verblijven.

Respondenten:

20 EMN-leden en waarnemende landen hebben een openbaar antwoord op deze ad hoc vraag verstrekt.

Bevindingen:

Een voorlopige analyse van de resultaten van de ad hoc vraag toont aan dat:

  • De meerderheid van de reagerende landen vereist dat derdelanders die rechtmatig op hun grondgebied verblijven tevens beschikken over een geldig identiteitsdocument of reisdocument dat is afgegeven door hun land van nationaliteit. In BE is bijvoorbeeld, hoewel er enkele uitzonderingen bestaan, een geldig paspoort vereist voor zowel het verkrijgen als het verlengen van een verblijfsvergunning. In andere landen (EE, FR, HU) is een geldig identiteits- of reisdocument uitsluitend vereist voor binnenkomst in en vertrek uit het land, maar niet voor het verblijf zelf.
     
  • In de meeste landen geldt de verplichting om een geldig reisdocument van het land van nationaliteit te overleggen niet voor kinderen die op hun grondgebied worden geboren uit ouders die derdelanders zijn en houder zijn van een verblijfsvergunning, althans niet bij de eerste aanvraag voor een verblijfsvergunning of indien deze aanvraag binnen een bepaalde termijn na de geboorte wordt ingediend (bijvoorbeeld 3 maanden in HR, LV en LT; 6 maanden in AT). In deze gevallen wordt de verblijfsvergunning voor het kind verleend op basis van de geboorteakte. Slechts in enkele landen (bijvoorbeeld CZ, NL, PL en SK) moeten kinderen die op hun grondgebied worden geboren beschikken over een geldig reisdocument van het land van nationaliteit.
     
  • Wanneer een kind op hun grondgebied wordt geboren uit ouders die derdelanders zijn en houder zijn van een verblijfsvergunning, registreren de meeste landen de nationaliteit van het kind onmiddellijk bij de geboorteaangifte. Dit gebeurt op basis van de nationaliteit van de ouders. In BE en de meeste andere landen bestaan waarborgen om te voorkomen dat kinderen staatloos worden geboren – indien zij zonder enige andere nationaliteit worden geboren, verkrijgen zij bij geboorte de Belgische nationaliteit. In andere landen (bijvoorbeeld FI en SE) wordt, indien de nationaliteit van het kind bij de geboorte niet kan worden vastgesteld, het kind geregistreerd als “niet vastgesteld” (FI) of “in onderzoek” (SE), waarna de autoriteiten de nationaliteitsstatus van het kind bepalen. In LV en LT blijft de nationaliteit van het kind leeg en wordt deze pas geregistreerd na overlegging van een geldig reisdocument en indiening van een aanvraag voor een verblijfsvergunning.

Voor meer details, raadpleeg de bijgevoegde compilatie van antwoorden. 

Publication Date:
zo 18 jan 2026
Geografie:
Hoofdthema:
Publicatietype:
Opdrachtgever:
EMN
Trefwoorden: