Jurisprudentie op nationaal en EU-niveau erkent steeds vaker vervolging op grond van geslacht, aldus EUAA
Een recent rapport van het Asielagentschap van de Europese Unie (EUAA), dat jurisprudentie van 2020-2024 analyseert, benadrukt dat beslissingen van EU- en nationale rechtbanken nationale praktijken sturen naar een meer gendergevoelige benadering van internationale bescherming.
In het rapport, getiteld "Jurisprudentie met betrekking tot gendergerelateerd geweld tegen vrouwen", benadrukt de EUAA dat er de afgelopen vijf jaar een aanzienlijke juridische verschuiving heeft plaatsgevonden in het erkennen en beschermen van vrouwen die op de vlucht zijn voor geweld en systematische discriminatie.
Volgens het rapport hebben Europese rechtbanken jurisprudentie vastgesteld waarin gendergerelateerde vervolging wordt erkend en risicoprofielen zijn geïdentificeerd van vrouwen die in aanmerking kunnen komen als leden van een "bepaalde sociale groep" onder de herziene kwalificatierichtlijn. Deze risicoprofielen omvatten vrouwen die op de vlucht zijn voor gedwongen huwelijken, gescheiden vrouwen die slachtoffer zijn geworden van seksueel geweld, vrouwen die worden beschuldigd van hekserij, vrouwen die een illegale abortus hebben ondergaan en vrouwen die op de vlucht zijn voor vrouwelijke genitale verminking/besnijdenis.
Het rapport toont aan dat nationale rechtbanken in Finland, Griekenland, Ierland, Nederland en Portugal ook beslissingen van asielautoriteiten hebben vernietigd wanneer deze er niet in slaagden de noodzaak van speciale procedurele waarborgen te beoordelen die ervoor moeten zorgen dat vrouwen effectief kunnen deelnemen aan de procedure voor internationale bescherming.
Voor meer informatie, lees het persbericht van de EUAA en raadpleeg het onderstaande rapport voor meer details.